12 februari 1996: afdeling Wel opent haar deuren in het huidige gebouw 8. Vandaag vormt ze samen met afdeling Stroom onze Intensieve BehandelEenheid (IBE). De geschiedenis is er één van volharding, pionierschap en ontwikkeling. Altijd met één doel voor ogen: mensen opnieuw perspectief geven wanneer andere behandeltrajecten zijn vastgelopen.
Pilootproject in Vlaanderen
De fundamenten werden al in 1983 gelegd, op het moment dat we een zorgaanbod voor de toen zogenaamde sterk gedragsgestoorde en/of agressieve patiënten (SGA) begonnen uit te bouwen. In 1995 kreeg onze voorziening één van de drie Belgische pilootprojecten toegewezen, met acht plaatsen en extra middelen voor teamondersteuning. Later zouden ook andere IBE-projecten in Vlaanderen nog steun krijgen, waaronder Psychiatrisch Centrum Sint-Amandus in Beernem.
Op 12 februari 1996 verhuisde Wel naar een nieuw gebouw dat specifiek ontworpen werd met het oog op veiligheid, rust en privacy. Het betekende de start van gebouw 8, waar IBE ook vandaag nog gehuisvest is. Deze nieuwbouw was niet alleen revolutionair, maar ook een belangrijke stap om een therapeutisch leefklimaat te creëren waarin intensief gewerkt kon worden.
In die beginfase ontwikkelde het team een aanmeldingsprocedure, werkte een duidelijk behandelkader uit en investeerde in activiteiten, therapieën, intervisie en debriefing. Zo groeide stap voor stap een haalbaar behandelmodel voor een doelgroep die vastliep in de reguliere hulpverlening.
30 jaar later
Net als dertig jaar geleden ligt de focus nu nog steeds op patiënten met ernstige persoonlijkheids- en hechtingsproblemen, vaak na traumatische ervaringen en meerdere vastgelopen behandeltrajecten. Dagindeling, groepsmomenten en individuele therapie versterken elkaar in één samenhangend kader. Non-verbale therapie krijgt daarin een belangrijk plaats.
Door de complexiteit en intensiteit van de behandeling werken Wel en Stroom met telkens acht mensen. Door die kleinschaligheid en de relatief grote teams met twee keer 15 voltijdse medewerkers proberen we veiligheid, nabijheid en continuïteit te garanderen. In dertig jaar kwamen ongeveer 650 patiënten op IBE, merendeels jonge vrouwen; cijfers die zowel de nood als de impact illustreren.
Wel en Stroom zijn vandaag meer dan gespecialiseerde afdelingen: het zijn plekken waar patiënten opnieuw richting kunnen vinden en waar complexe zorgvragen niet gezien worden als last, maar als gezamenlijke uitdagingen. Elk traject vertrekt vanuit het eigen levensverhaal, getekend door opgelopen hechtingskwetsuren: begrijpen hoe pijn, klachten en symptomen ontstaan zijn en hoe iemand met dit lijden toch maximaal aansluiting kan maken op het gewone leven.
Waar beide afdelingen vroeger vertrokken vanuit een erg gedragsmatige aanpak, ligt de focus nu op traumasensitief werken. Vanuit deze benadering proberen de teams ingrijpende veranderingen zoals trauma’s te begrijpen als mogelijke oorzaak van gedrag. Hulpverleners helpen om fysieke en emotionele veiligheid te creëren, stimuleren relaties en leren emoties te reguleren. Door patiënten op de afdeling veiligheid bij zichzelf en in relatie met anderen te laten beleven, is er de hoop dat ze dit ook buiten de muren van de voorziening kunnen ervaren. Dit leren en ervaren speelt zich af in therapieën, maar ook in het dagelijkse samenleven op de afdeling.
Een effectieve aanpak
Kwalitatief onderzoek via interviews met ex-patiënten heeft bevestigd dat deze aanpak een impact kan hebben. De kernbevinding: een intensieve behandeling geeft bij de meeste patiënten duidelijke verandering. Mensen ervaren ‘een verandering in hun zijn’, herwinnen toekomstperspectief en doorbreken de cyclus van herhaalde opnames. Een betekenisvolle uitkomst voor een doelgroep die vaak als therapeutisch uitzichtloos wordt beschouwd.
Deze resultaten sluiten bovendien aan bij wat IBE dagelijks beoogt: geen quick fix, wel een duurzame beweging in vastgelopen patronen, hierbij beseffend dat patiënten hun kwetsuren levenslang blijven meedragen. In dat opzicht is de hedendaagse maatschappij en het actuele zorglandschap geen bondgenoot. Door de groeiende nadruk op ambulante en korte (crisis)zorg, vallen mensen met een langdurige zorgnood steeds vaker uit de boot. Op IBE blijven beide teams net staan voor deze mensen voor wie een kortdurende behandeling onvoldoende uitkomst biedt en die nood hebben aan vertraging, continuïteit en nabijheid.
Samenwerking als fundament
Vanaf het begin werd duidelijk dat intensieve behandelafdelingen niet op zichzelf kunnen staan. IBE werkt daarom nauw samen met verwijzende hulpverleners of zorgvoorzieningen. Vaak al vóór de opname en ook doorheen het traject blijven ze afstemmen over evolutie en toekomstperspectief. Deze samenwerking zorgt voor continuïteit, wederzijds begrip en een grotere impact.
Sinds enkele jaren zijn ook ervaringswerkers een vaste waarde in de werking van beide afdelingen. Vanuit hun eigen ervaring verwelkomen zij nieuwe patiënten, bieden ze hoop en (h)erkenning en organiseren ze spiegelgesprekken. Zo vormen zij een belangrijke brug tussen patiënten en de teams.
Een blik vooruit
Dertig jaar IBE is een verhaal van menselijkheid en professionalisering: van de pilootjaren en het bouwen aan een veilig leefklimaat, over het verfijnen van zorgprocessen tot het verwelkomen van ervaringsdeskundigen. Wat constant blijft, is de overtuiging dat er beweging mogelijk is - mits afgestemde zorg, tijd en een team dat gelooft in wat kan.
Ook drie decennia later blijven Wel en Stroom inzetten op wat vanaf het begin de kern was: ruimte creëren voor herstel, groei en nieuwe perspectieven voor mensen die vaak al veel deuren zagen sluiten.